WEM Klimaatelement monteren aan wand en plafond
Met de WEM Klimaatelementen maak je eenvoudig een energiezuinig wand- of plafondverwarmingssysteem. De elementen zijn zo ontworpen dat ze snel te monteren zijn en na afwerking vrijwel onzichtbaar in de constructie verdwijnen. Hieronder vind je stap voor stap hoe je de klimaatelementen aan de wand en het plafond bevestigt.
WEM Klimaatelement aan de wand bevestigen

Stap 1. Bepaal de montagehoogte
Plaats eerst een houten lat of regel op de juiste hoogte. Deze dient als ondersteuning, zodat de klimaatelementen tijdens de montage netjes op hun plaats blijven.

Stap 2. Plaats en schroef de klimaatelementen vast
Plaats eerst een houten lat of regel op de juiste hoogte. Deze dient als ondersteuning, zodat de klimaatelementen tijdens de montage netjes op hun plaats blijven.

Stap 3. Vul de resterende wanddelen op
Zijn niet alle delen van de wand voorzien van klimaatelementen? Werk de overige vlakken dan af met WEM leemplaten zonder verwarmingsbuizen. Zo ontstaat één vlakke wand.

Stap 4. Zaag of breek de leemplaten op maat
Maak de leemplaten passend door ze op maat te snijden, zagen of voorzichtig te breken. Zo sluiten ze netjes aan op de beschikbare ruimte.

Stap 5. Schroef de leemplaten vast
Bevestig de op maat gemaakte leemplaten op dezelfde manier als de klimaatelementen. De wand is nu volledig voorbereid voor de verdere afwerking met leem.
WEM Klimaatelement aan het plafond monteren

Stap 1. Til de klimaatelementen naar het plafond
Gebruik een platenlift of platenheffer om de klimaatelementen veilig tegen het plafond te plaatsen. Dit maakt de montage eenvoudiger en voorkomt beschadigingen.

Stap 2. Schroef de elementen vast
Schroef de klimaatelementen stevig vast aan de plafondconstructie. Zorg ervoor dat de elementen strak tegen elkaar liggen.

Stap 3. Verbind de klimaatelementen
Sluit de klimaatelementen op elkaar aan volgens het WEM-systeem, zodat de verwarmingsbuizen één doorlopend circuit vormen.

Stap 4. Plaats een passende leemplaat
Monteer naast de klimaatelementen een WEM leemplaat met de juiste uitsparingen. Hiermee ontstaat een egaal plafondoppervlak.

Stap 5. Werk de uitsparingen netjes af
Gebruik leemplaten met passende uitsparingen voor leidingen of andere obstakels. Hierdoor blijft het plafond strak en klaar voor de verdere afwerking met leem.